LALALA: GELD

Ik ben op het punt gekomen dat de term ‘pedagogische studiedag’ niet langer een met een geniepig lachje voorzien antwoord op de vraag “Is dat nu weeral geen school?!” is, maar een koude rilling in agendaland. Nog even en ik krijg zelf dat geniepig lachje als antwoord.

Na een voormiddag getetter aan mijn oren en constant op mijn hoede zijn bij bruuske bewegingen omdat er telkens wel een volledig opgetoeterde Frozenprinses achter mij kan staan, besluit ik even de buitenlucht op te zoeken om dochterlief te kalmeren. Het lot kwam mij een handje helpen: er is zowaar een circus, onder onze kerktoren. Nu heb ik absoluut niks met circussen, maar dit is een welgekomen hulpmiddel in mijn queeste om een dreumes in de hand te houden. Bovendien kon dit haar fantasie alleen maar prikkelen en had ze dit op z’n minst eens meegemaakt; wie weet hoe lang bestaat dit nog.

’t Was zo’n klein circus: voornamelijk beestjes die mal doen; weinig mensen die iets zots doen. Beestjes: ook daar heb ik niks mee, maar beestjes in gevangenschap raken me wel. Beestjes horen geen huisdieren te worden; laat staan murw gedraaide circuskooidieren. Dit ging mijn show niet worden. Ik laat het aanbod van de als luxeseat aangeboden plastic tuinstoel (lalala: geld) aan mij voorbij gaan. De kermisbeats dreunen hier ver boven de geluidsnorm die aan concertzalen wordt opgelegd.

De show wordt aangekondigd door een krakkemikkig bandje met een Francobelge boodschap. Dochter begrijpt er niks van en duikt weg bij de eerste clown die tevoorschijn springt. Gelijk heeft ze: vertrouw nooit iemand met te grote schoenen. De beestjes die rondjes lopen en op tafels springen volgen elkaar in ijl tempo op: hondjes, een paard, ganzen, nen kameel, etc. Dochter vindt er maar niks aan. Ik probeer ze krampachtig mee te laten klappen op het constante gedreun, maar ze weigert koppig.

Dat veranderde totaal bij de opkomst van de acrobate. Schaars gekleed, voorzien van roze accenten en boordevol glitters. Er vielen bijna dochtersogen op de grond. Roze, glitter, aandacht … dit moest wel een prinses zijn. Nu gingen de handen wél op elkaar, dolenthousiast. Ik zal alvast in mijn agenda noteren dat ik dit weekend een trapeze aan onze beize ga mogen monteren.

Wat dan volgt, zijn nog meer diertjes, een tombola (lalala: geld) en een pauze. Geen pauze om te bekomen (dat lieten die vermaledijde luidsprekers niet toe) of de show netjes in twee te knippen, neen. Pauze om een versnapering te nuttigen uit de ‘restauratiewagen’ in de tent, knap voorzien van netjes gestapelde zakjes Piratochips. (lalala: geld)

Na afloop herinnerde dochter zich enkel de acrobate, badend in een blauw licht. Goed zo, vergeet al die beestjes maar. Volgende keer misschien een circus zonder beestjes. Niet omdat beestjes in een circus slecht behandeld zouden worden (dat weet ik niet), maar omdat beestjes niet gedrild dienen te worden om te knielen bovenop een tafel.

Behalve honden: die verdienen met hun onnavolgbare drang zelf een beetje mens te willen worden niet meer dan de grillen van hun baasjes te ondergaan.

En nu naar huis, een trapeze installeren.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *